Je bent hier:
Ik heb Apneu

Mensen die de diagnose slaapapneu kregen, hebben een grote hoeveelheid vragen rond de behandeling. Wat voor cpap’s en maskers zijn er? Hoe ga ik om met bevochtiging? Wat is de ideale opstelling voor mijn cpap? Zijn er bijwerkingen bij een mra? Wat houdt zo’n kaakoperatie in? Wat is de rol van de leverancier? Het antwoord op deze en andere vragen vindt u onder Therapieën, wat houden ze in, hoe er mee om te gaan?

Dan is er nog de vraag wat u daarnaast zelf kunt doen om beter te kunnen slapen en u weer gezonder te kunnen voelen. Tips vindt u onder Wat u verder zelf kunt doen?

Veel mensen met slaapapneu kampen met andere aandoeningen, die soms veroorzaakt zijn door apneu. Of die ertoe leiden dat u zich ondanks een geslaagde apneu behandeling nog steeds niet 100% fit voelt. U vindt deze onder Samenhang met andere aandoeningen.

En dan zijn er nog veel gestelde vragen rond bijvoorbeeld Hoe zit het met het rijbewijs? Wat als ik mijn cpap op vakantie mee wil nemen (vliegtuig, stroomvoorziening)? Waar moet ik op letten bij ziekenhuisopname? Antwoorden op deze vragen vindt u onder Aandachtspunten.

Therapieën, wat houden ze in, hoe er mee om te gaan?

Er zijn verschillende therapieën voor de behandeling van apneu. Wat u het meest geschikt is bepaalt u samen met uw arts. Als u zojuist gediagnosticeerd bent vindt u hier uitgebreide informatie over wat een behandeling inhoudt. Maar ook als u al jaren onder behandeling bent vindt u hier antwoord op uw vragen hoe u het meeste voordeel uit uw therapie kunt halen.

Apneu ontstaat door een blokkade van de bovenste luchtweg, dus moeten er manieren gevonden worden om de luchtwegen open te houden. Hieronder de meest gangbare behandelingsmethoden.

De cpap is een soort luchtpomp. De pomp zorgt voor een geringe overdruk, waardoor ’s nachts de luchtwegen worden opengehouden. De luchtpomp is te vergelijken met een aquariumpomp. De pomp haalt extra lucht uit de slaapkamer en blaast deze via een slang en een masker in uw neus. Zo blijven uw luchtwegen open en worden apneus voorkomen.

De cpap is de voorkeurstherapie bij ernstig osas. Het is vrij ingrijpend om iedere nacht met een masker op je neus te moeten slapen. Sommigen kunnen daar moeilijk aan wennen. Maar met name mensen met ernstig osas (en hun partner) ervaren de cpap vanaf nacht één als een verademing, omdat ze meteen de positieve effecten merken. Zij willen vaak niet meer zonder.

Soorten cpap's

Er zijn verschillende soorten luchtpompen. Vaak worden ze aangeduid als cpap. De cpap zorgt voor een geringe overdruk, waardoor ’s nachts de luchtwegen worden opengehouden.

Aan de moderne techniek van de cpap worden hoge eisen gesteld. Gelukkig maar, want mensen met apneu zijn vaak jarenlang van het apparaat afhankelijk. De druk van de cpap moet constant zijn en het apparaat moet nauwkeurig ingesteld worden. Het apparaat meet de kleinste verschillen in luchtstroom en past daarop zijn inspanning aan. Fabrikanten besteden ook zorg aan het geluid. De motor van de pomp is bijna geluidloos. U hoort alleen nog het blazen van de lucht.

De standaard cpap

Het meest gebruikte apparaat is de standaard cpap. Deze wordt in 65% van de gevallen ingezet. Door het slaapcentrum of de leverancier wordt een vaste druk ingesteld. Bijna alle apparaten kunnen tussen de 4 en 20 cm waterdruk worden afgesteld. Voor de meeste patiënten ligt de druk tussen 8 en 10. Eenmaal ingesteld op bijvoorbeeld 8,3 houdt het apparaat die druk gedurende de hele nacht vast. En iedere keer dat het apparaat opnieuw wordt aangezet, komt automatisch dezelfde vaste druk terug.

De meeste cpap’s hebben over een zogenaamde ‘ramp’-knop. Hiermee komt de machine voorzichtig op gang met een wat lagere druk. Daardoor zult u makkelijker inslapen. Na enige tijd (meestal een kwartier na het aanzetten) draait de pomp weer op de vaste druk.

Het voortdurend blazen van koude droge lucht kan de luchtwegen irriteren. Daarom worden tegenwoordig steeds meer verwarmde luchtbevochtigers geadviseerd. Bijna alle standaard apparaten kunnen hiermee uitgerust worden.

Bi-level cpap

De Bi-level, of bi-pap is een cpap waarbij een onderdruk en een bovendruk wordt ingesteld. Het apparaat controleert voortdurend de luchtstroom en bij het uitademen wordt de druk verlaagd. Deze machine is een stuk duurder en wordt daarom maar in 10% van de gevallen ingezet. De bi-pap wordt met name toegepast bij mensen die hun extra lucht in een zeer hoge druk binnen krijgen. (> 12 cm) Zij kunnen daardoor moeite krijgen bij het uitademen. De Bi-level cpap wordt ook gebruikt voor mensen met csas.

Autopap

De automaat, auto-cpap of autopap wordt in 25% van de gevallen ingezet. Als u op uw zij slaapt, heeft u vaak minder druk nodig dan wanneer u op uw rug slaapt. Zo is in het begin van de nacht – als u in uw diepe slaap komt – meer druk nodig dan in de vroege ochtenduren wanneer u in uw droomslaap bent. Als u een avond wat alcohol gebruikt heeft of in de loop van de tijd wat aangekomen bent, is een hogere druk nodig. De auto cpap stelt automatisch de druk vast en past deze voortdurend aan aan de omstandigheden.

De auto cpap wordt door specialisten ook wel gebruikt om de druk vast te stellen en heeft vaak de voorkeur van de patiënt.

C-flex

C-flex is géén apparaat. Het is een technologie, die door een fabrikant (Philips Respironics) wordt toegepast. Maar steeds meer merken kennen een vergelijkbare technologie. Net als bij andere cpap’s wordt een standaard druk ingesteld. De C-flex herkent zelf wanneer u inademt of uitademt. Bij het uitademen geeft het apparaat iets minder druk, waardoor het uitademen comfortabeler is. Overigens is niet iedereen enthousiast. De wisselende luchtstroom geeft ook wat onrust. Maar de mate waarin de druk wisselt kan ook worden ingesteld. Met name mensen die een wat hogere druk hebben, waarderen de C-flex.

Registrerende cpap's

Bijna alle cpap’s registreren wel iets. In de meest eenvoudige vorm is dat het aantal keren dat het apparaat in gebruik is en voor hoeveel uur. In de meest uitgebreide vorm worden de lekkage, de druk, het aantal apneus en hypopneus bijgehouden. Met speciale software in uw computer kunt u op eenvoudige wijze complete rapportages over het verloop van de behandeling maken.
Met sommige merken cpap moet u af en toe naar de kliniek. Daar kan uw behandelend specialist de gegevens uitlezen. Andere cpap’s hebben een kaartje (ter grootte van een creditcard) dat opgestuurd kan worden om de specialist te informeren. Sommige kunnen worden uitgelezen via internet.

Over maskers

Maskers zijn het meest besproken onderdeel van de cpap. Belangrijk is dat het drukmasker goed aansluit. Zo voorkomt u lekken. Er zijn 3 hoofdtypen:

  • De neuskap bedekt alleen de neus. Deze wordt het meest toegepast.
  • Het full-face masker gaat zowel over neus als mond. Het wordt met name toegepast bij hardnekkige mondademhaling.
  • De neusdoppen zijn relatief kleine doppen die van onderaf tegen de neus drukken. Ze dekken het gezicht het minste af. Ze voldoen met name bij rustige slapers met een lage druk.

De Apneuvereniging heeft  een informatieblad uitgebracht over het onderwerp maskers: Alles over Maskers. Dit informatieblad is hier te bekijken: ‘Alles over Maskers

Grote keus aan maskers
Via een neusmasker wordt lucht ingebracht om apneus te voorkomen. Dit is een drukmasker en moet dus perfect passen. Het masker is door middel van banden op het hoofd bevestigd. Als het masker lekt, heeft de therapie geen effect. Het masker is daardoor het meest besproken onderdeel van de therapie.

Verschillende typen
Er zijn in de loop van de jaren vele soorten maskers op de markt gekomen waaruit u kunt kiezen.

  • Het meest toegepast wordt het neuskapje (63%).
  • Door een juiste afstelling van de druk wordt mondademhaling meestal voorkomen. Als er desondanks sprake is van hardnekkige mondademhaling, wordt vaak overgegaan op een full-face masker. Dit masker bedekt niet alleen de neus, maar ook de mond. Dit masker wordt in 22% van de gevallen ingezet.
  • Het dragen van een masker wordt door sommigen als erg intimiderend ervaren. Neusdoppen zijn een alternatief. Ze dekken het gezicht niet af, maar de kleine dopjes worden onder tegen de neus gehouden. Vooral rustige slapers met een niet te hoge druk (minder dan 10) zweren erbij. 15% van de patiënten gebruikt neusdoppen.

Verschillende randen
Er zijn verschillende randen om te zorgen voor een goed afdichting van het masker.

  • Gelrand: een soort kussentje op de rand dat zich, geholpen door de warmte van de huid, voegt naar de contouren van het gezicht.
  • Siliconenrand: een soort zachte flaprandjes, die door de luchtdruk tegen de huid gedrukt worden en zo voor de afdichting zorgen.

Beide randen kennen hun fervente voor- en tegenstanders. Was aanvankelijk de gelrand erg populair. Tegenwoordig komen er steeds meer maskers met een uitgekiende siliconenrand.

Verschillende uitvoeringen
Het spreekt voor zich dat alle maskers er in verschillende maten zijn: small, medium, large. En iedere fabrikant heeft zijn eigen modellen. Het verschil zit in de vorm van de kap, in de vorm van de randen, maar ook in de vorm en materiaalkeuze van de hoofdbanden. Bijzonder belangrijk kunnen de sluitingen zijn waarmee het masker wordt vast geclipt. Om een claustrofobisch gevoel te voorkomen, is het belangrijk dat het masker makkelijk kan worden opgezet èn afgezet.

Het juiste masker
Comfortabel wordt een masker nooit, maar voor ieder gezicht, elk slaapgedrag en elke voorkeur is er een passend masker. Soms verstrekt het slaapcentrum het masker. Meestal is het de leverancier. Zij zijn ervoor verantwoordelijk dat u over het juiste masker beschikt. Er zijn leveranciers die ook bij u thuis komen om te passen. Voor informatie over de verschillende maskers kunt u ook een regionale bijeenkomst van de ApneuVereniging bezoeken. Regelmatig is de MaskerRaad aanwezig. Zij kunnen u alle maskers die in Nederland op de markt zijn laten zien.

De juiste maat
Maskers zijn er in verschillende maten. Soms worden ook de plastic kap, inzetstukken of neusdoppen in verschillende maten en uitvoeringen geleverd. Zorg ervoor dat u over de juiste maat beschikt. Een eerste inschatting kunt u samen met uw partner maken. Zet het masker losjes op. Kijk goed van voren in de spiegel en laat uw partner mee beoordelen. Valt het masker goed over uw neus – en bij full face ook over de mond – en sluit het aan bij de lijnen en plooien in uw gezicht?

De juiste afstelling
De afstelling van het masker is een van de meest voorkomende problemen. U kunt het masker afstellen door de banden rond het hoofd meer of minder strak aan te halen. Vaak wordt gewerkt met klittenband. Soms kan ook de stand van de steun op het voorhoofd worden gekanteld. Door de grote hoeveelheid maskers is het niet eenvoudig algemene regels te geven. Wel kan gezegd worden dat maskers niet te strak moeten zitten. Bij maskers met een gelrand moet de rand goed aansluiten, maar mag niet plat- of naar binnen worden gedrukt. Bij maskers met een (dubbele) siliconenrand moet de luchtdruk deze flapjes op hun plek duwen. Dat lukt minder goed als die rand helemaal naar binnen krult. Het belangrijkste uitgangspunt is: gelijkmatig. Dit geldt zowel voor de strakheid van de banden als voor de stand van de hoofdsteun (als het masker over een verstelbare hoofdsteun beschikt). Ook dit kunt u zelf controleren. Zet het masker losjes op, laat uw partner goed van opzij kijken en beoordeel samen of het masker gelijkmatig de lijnen van het gezicht volgt. Maak een paar grimassen en kijk hoe het masker dan valt. Stel eerst de hoofdsteun bij en daarna de banden, zodat het masker op een gelijkmatige afstand het gezicht volgt.

Het juiste gebruik
Vet op de afsluitranden van het masker veroorzaakt makkelijk lekkage. De delen van het masker die het gezicht raken, moet u daarom iedere dag reinigen. Hier hechten zich huidvet en eventueel overdag gebruikte crèmes aan. Vet uw huid ’s nachts niet in bij de afsluitranden van het masker. Afwasmiddel zonder citroen is een prima reinigingsmiddel voor het masker. Veel mensen gebruiken ook babyshampoo.

Ook condens kan voor lekkage zorgen. Kijk voor tips over het voorkomen van condens bij bevochtiging.

Een goede opstelling
Het is belangrijk dat de slang bij het omdraaien van de ene zij op de andere niet aan het masker trekt. Zorg er daarom voor dat de slang van boven of van beneden komt. Bij sommige maskers kunt u de slang naar boven met klittenband vastzetten.

Tips om huidirritatie tegen te gaan 

Krijgt u uitslag door het masker? Misschien biedt een op maat geknipt, geperforeerd stukje natuurzeem tussen uw huid en masker een oplossing.

Geven voorhoofdsteunen irritatie, dan kunnen make-up-pads of een grimeersponsje uitkomst bieden door deze tussen huid en steunen te plaatsen.

Bij ‘beginnersirritatie’ kan het smeren van Sudocrème de huid ook verstevigen.

Drukplekken (oftewel neiging tot decubitis) kunnen worden voorkomen door een pantykous over het masker te trekken. Dit is aan te bevelen bij allergische reacties.

Zalfjes
Balneum Intensive: bij een huid die rood is maar nog wel in tact;

Sudocrème: bij een huid die nog in tact is, maar rood en pijnlijk is en soms met puistkopjes;

Dokter Vogel crème Bioforce: bij een huid met schrale plekken, schimmelplekken, drukplekken of ontstekingen;

VSM-Calendula-crème, gelei, spray of zalf: voor een ontstoken huid door drukplekken, soms treedt er ook blaarvorming op;

Eucerin crème: om een gezonde huid in goede conditie te houden.

Let op! Zalf smeert u overdag. Een vette huid en een vette rand van het masker zorgen gegarandeerd voor lekkage.

Lekkende maskers vormen voor veel mensen een probleem. Veel kan voorkomen worden met een goede plaatsing van de cpap. Met een beetje aandacht voor de plaatsing van de cpap kan het comfort aanmerkelijk verbeteren.

De slang

Het beste is het om de slang van boven het hoofd te laten lopen of vanaf de borst. U draait zich tientallen keren per nacht van de ene zij op de andere. Als de slang van opzij komt, gaat de slang trekken of trekt het masker scheef. Daar hebt u met een slang boven het hoofd of vanaf de borst veel minder last van.

Veel mensen laten de slang halverwege het bed onder de dekens door via de borst omhoog lopen. Dit voorkomt condensvorming. Met name mensen die met een verwarmde luchtbevochtiger slapen kunnen hier baat bij hebben. Maar, omdat de slang luchtgekoeld is, is dat – zeker in de winter – niet erg comfortabel. Een hoes van de leverancier of een eigengemaakte hoes van fleece om de slang lost dit probleem op.
De meeste afbeeldingen tonen een slang die van boven komt. Vaak verdwijnt deze midden achter het kussen. Voor de foto is de slang keurig weggestopt. Toch heeft u bij het draaien meer ruimte nodig en blijft de slang niet liggen.
Op Amerikaanse websites staan mooie constructies, waarbij de slang aan een stellage midden achter het hoofd is opgehangen. Soms zelfs met een kleine swingarm. Het kan een oplossing zijn om 50-80 centimeter midden boven het kussen een oog of een haak te maken waar, met een stuk elastiek, de slang door loopt.

De pomp

Er zijn vele opstellingen mogelijk. Een nachtkastje naast het bed is de meest handige oplossing. De pomp aan het voeteneind vindt niet iedereen mooi. Aan het hoofdeind heeft niet iedereen ruimte. En op een plank boven het hoofd kan gevaarlijk zijn, wanneer het apparaat bij een onverhoedse beweging naar beneden komt.
De cpap hoort niet op de grond. Het apparaat verzet kubieke meters lucht en trekt dus veel stof aan. Ondanks de filters is het risico aanwezig dat het apparaat de stoffige lucht bij u naar binnen blaast.
Hoewel de apparaten tegenwoordig steeds stiller worden, blijven het toch motortjes die lucht aanzuigen en uitblazen. Dat kun je horen. Een plek niet hoger dan het matras, liefst nog iets lager, zorgt dat het matras als een soort geluidswal werkt.

Let op! 
Het goed schoonhouden van uw machine voorkomt ook lawaai. Als fijne stofdeeltjes tussen de lagers gaan zitten of zich vastzetten op de schoepen van de pomp, ontstaat steeds meer lawaai. En dat is helaas niet meer ongedaan te maken, zodat u met een steeds luidruchtiger machine komt te zitten.

Sommige mensen slapen de rest van hun leven iedere nacht met een cpap. Geen wonder dat ze graag invloed willen hebben op de keuze van het apparaat en de leverancier. Sommigen cpap’s hebben Flex-technologie, waardoor je makkelijker uitademt. Andere cpap’s zijn klein en licht en dus makkelijk mee op reis te nemen. Er zijn nagenoeg geruisloze apparaten, maar die zijn wat zwaarder. Bij sommige kan je meteen in een venster zien of het apparaat daadwerkelijk helpt.

Helaas zijn de keuzes vaak beperkt. Uw keuze hangt vaak af van de verzekeraar. De medisch specialist bepaalt welk type apparaat u krijgt. Wordt het een cpap, bi-level of automaat? De verzekeraar sluit contracten af met één of meer leveranciers. Aan die keuze bent u gebonden.

Lees ook eens het artikel: Valt er wat te kiezen?

De MRA (mandibulair repositieapparaat) (mra) is een gebitsprothese, die voor de patiënt op maat wordt gemaakt. Deze prothese houdt de onderkaak naar voren, waardoor de keelholte gedurende de nacht openblijft. Zo nemen het snurken en/of apneus af. Het boven- en onderstuk van de prothese kunnen vaak met een stelschroef worden versteld, zodat de juiste spanning wordt aangebracht.

De behandeling met een mra is niet pijnlijk. Eerst en vooral wordt onderzocht of de patiënt mogelijk baat heeft bij de behandeling. Via slaaponderzoek wordt de ernst bepaald: gaat het alleen om snurken of ook om osas, welk type dan en in welke mate. Heeft de kno-arts vastgesteld waar de obstructie zit, dan zijn het de orthodontisten of gespecialiseerde tandartsen die kaak en gebit aan een nader onderzoek onderwerpen.

Het gebit moet goed zijn, om een goede basis voor de beugels te vormen. De mra is daarom niet voor iedereen geschikt. U moet gezonde eigen tanden en kiezen hebben. Als u een kunstgebit draagt kan er tegenwoordig zelfs ook een MRA worden vervaardigd, mits de onderprothese vast zit op implantaten. Voor de bovenprothese is dit zelfs geen vereiste.

Ongeveer een derde van de patiënten, die door de situatie in de mond- en keelholte baat zou kunnen hebben bij een mra krijgt deze niet, omdat de gebits- en kaaktoestand dat niet toelaat.

Blijkt dat een mra voor een bepaalde patiënt een goede oplossing is, dan worden door de MKA-chirurg, gespecialiseerde tandarts of orthodontist gebitsafdrukken gemaakt. Op basis daarvan kan de beugel gemaakt worden. Dat kost vaak enkele dagen tot weken. Daarna wordt de beugel aangemeten, met instructie voor de patiënt.

In zekere zin wordt met de mra niet echt iets verholpen. Uw fysieke beperkingen (een nauwe keel en/of teveel slap weefsel in mond- en keelholte) worden omzeild en de apneus teruggebracht. De patiënt moet dus de rest van zijn leven iedere nacht met deze beugel blijven slapen. Anderzijds vindt geen onomkeerbare ingreep plaats. Heeft u apneus door ernstig overgewicht, dan kan de therapie met de mra vaak gestaakt worden wanneer u voldoende kilo’s kwijtraakt.

De behandeling met de mra is effectief voor patiënten met licht tot matig osas.

Nadere bijzonderheden

De mra wordt ook wel antisnurkbeugel genoemd. En er zijn meer synoniemen: intraorale prothese, oral appliance, oral device, monobloc of mad (mandibulair advancement device). Studies tonen aan dat de mra goed kan werken als gebruik wordt gemaakt van een zogenaamd monobloc: een beugel uit één stuk gegoten. Tegenwoordig wordt vaak gewerkt met losse boven en onderstukken, die via een stelschroef met elkaar verbonden zijn. Dat maakt ze kwetsbaarder, maar dit biedt vaak wel meer comfort. Studies die dat laatste onomstotelijk bewijzen zijn er nog niet.

Er zijn wereldwijd meer dan zeventig verschillende snurkbeugels geregistreerd. Bij veel beugels is de effectiviteit beperkt, of zelfs niet aanwezig. Soms worden ook tongneerhouders als mra aangeprezen. Maar een verhemelteplaat die de tong omlaag houdt, heeft een totaal andere werking dan de mra, die de onderkaak naar voren brengt. Tongneerhouders hebben maar voor een zeer beperkte groep snurkers effect. Ze werken bijvoorbeeld niet, omdat snurken door de neusdoorgang veroorzaakt wordt. Of omdat de neerhouder gedurende de nacht uit wordt gedaan vanwege de grote spanning van de veer die de tong omlaag moet houden. Mra’s brengen de onderkaak naar voren en vergroten zo de bovenste luchtweg. Dat maakt ze zowel geschikt voor snurkers als voor osaspatiënten.

Er zijn ook antisnurkbeugels, die met heet water op maat gevormd worden (‘boil and bite’); ‘beugels’ van zacht materiaal. Ze doen denken aan hockey-bitjes. Ze zijn een stuk goedkoper dan echte mra’s, maar de effecten ervan zijn erg wisselend. Sommige snurkers hebben er baat bij. Maar voor osas zijn ze ongeschikt. Ze houden de onderkaak onvoldoende naar voren en/of schieten los in de loop van de nacht.

Kiest u voor een mra? Zoek dan een beugel die op maat wordt gemaakt in een gespecialiseerde kliniek of een tandtechnisch laboratorium, dat is verbonden aan het ziekenhuis, waar uw osas wordt behandeld. Baanbrekend Nederlands onderzoek is gedaan door A. Hoekema verbonden aan het Universitair Medisch Centrum Groningen.

Effectiviteit en toepassing

Gemiddeld heeft meer dan de helft van de osaspatiënten baat bij het gebruik van mra’s. Dat blijkt uit een recente analyse van alle internationale onderzoeken op het gebied van mra’s. Bij sommigen patiënten is tevens effect op slaperigheid overdag, werkprestaties en op verbetering van de kwaliteit van leven aangetoond. Het succespercentage bij licht tot matig ernstig osas is nog hoger: gemiddeld 57 tot 81%.

In de osasrichtlijn uit 2001 kreeg de mra een zeer bescheiden rol. Deze werd vooral gezien als een middel tegen stevig snurken. Vandaar ook de Nederlandse vertaling antisnurkbeugel. In Nederland werd de mra voor osas op zeer bescheiden schaal toegepast. In landen zoals Zweden wordt de mra veel vaker ingezet: niet alleen voor snurken, maar ook voor osas. Gezien de recente wetenschappelijke bevindingen heeft de mra in de nieuwe osasrichtlijn uit 2009 een belangrijkere rol gekregen bij licht tot matig osas. De gespecialiseerde klinieken en tandartsen schieten nu als paddenstoelen uit de grond. Er is hiertoe in 2008 zelfs een nieuwe vereniging opgericht, de NVTS (Nederlandse Vereniging van Tandheelkundige Slaapgeneeskunde, zie www.nvts.nl). Doel van de NVTS is om de kennis van de tandheelkundige behandeling van slaapstoornissen ten gevolge van snurken en osas te verdiepen en in bredere kring bekend te maken.

Het effect op sociaal snurken is minder goed onderzocht. Het is lastig om het aantal snurkgeluiden en de intensiteit ervan vast te stellen. Als uitgegaan wordt van vragenlijsten ingevuld door de bedpartner, is er vaak een goed effect te bereiken met de mra bij sociaal onacceptabel snurken. Het gebruik van de mra resulteert vaak in een aanzienlijke verbetering. In de literatuur worden verbeteringspercentages van boven de 90% genoemd.

Werkzaamheid

Het effect van de mra is toe te schrijven aan:

  1. een verruiming van de bovenste luchtweg tijdens de slaap;
  2. toegenomen spierspanning in de bovenste luchtweg tijdens de slaap;
  3. stabilisatie van de onderkaak en van het tongbeen – dit zou dichtklappen ter hoogte van de tongbasis voorkomen; en
  4. een zekere indirecte invloed via de keelwand ter hoogte van het verhemelte.

Bij een aantal typen mra is het mogelijk de onderkaak nauwkeurig naar voren te verplaatsen door middel van een stelschroef. Het is echter een afweging: naarmate de onderkaak verder naar voren komt is het effect groter, maar de kans op klachten van het kaakgewricht en van de kaakspieren nemen eveneens toe. De optimale stand van de kaak is nog onderwerp van onderzoek.

Bijwerkingen

Bijwerkingen komen vaak voor. Gevoeligheid van de tanden en kaken (vooral in de ochtenduren), irritatie van tandvlees en mondholteslijmvlies, overmatige speekselvloed of juist een droge mond komen dikwijls voor. Het gebruik van een mra kan tot klachten van het kaakgewricht leiden. De kaakspieren zijn soms de eerste uren van de dag stijf. Op de lange termijn kunnen problemen met gewijzigde ‘occlusie’ ontstaan. Dat wil zeggen dat de onderlinge stand van de tanden verandert.

Comfort en therapietrouw

Het lijkt erg vervelend om de hele nacht met ‘een volle mond’ te slapen. In de praktijk blijkt dit mee te vallen. Met het begrip compliance (therapietrouw) geven artsen aan in hoeverre mensen het apparaat blijven gebruiken. De compliance bij de mra is hoog. Dat wil zeggen dat een groot aantal mensen bereid blijkt de mra iedere nacht in te doen en in te houden en dat gedurende jaren. De compliance is het hoogst voor mensen, die daadwerkelijk de voordelen ervaren: snurkers die overtuigd zijn dat er iets aan het snurken moest gebeuren; mensen met licht osas, die de voordelen van de vermindering van het aantal apneus ervaren.

De mra vereist een goed samenspel tussenslaapkliniek, MKA-chirurg of gespecialiseerd tandarts en eigen tandarts. Vooral bij verstelbare mra’s. Dit is nog op weinig plaatsen goed geregeld. De slaapkliniek gaat over de diagnose van osas en het meten van de effectiviteit van de behandeling. Zij heeft daartoe de beschikking over de slaapregistratie. Zij kan via diezelfde slaapregistratie beoordelen of de behandeling effectief is. Dat is ze volgens de osas richtlijn zelfs verplicht. Maar de MKA-chirug of gespecialiseerd tandarts voert de behandeling uit: meet de mra aan en controleert periodiek hoe een en ander in het gebit past. Een aantal organisaties moedigt aan dat de patiënt zelf (eventueel in overleg met het tandtechnisch laboratorium) in de eerste weken/maanden de voorwaartse stand van de kaak door middel van de stelschroef bepaalt. Als deze te weinig streng is voor zichzelf ontstaat onvoldoende behandeleffect. Maar met hetzelfde recht wordt de zaak te zwaar aangespannen, waardoor blijvende schade aan de stand van de tanden of het kaakgewricht kan ontstaan. Zo ontstaat onduidelijkheid wie nu eigenlijk verantwoordelijk is voor de behandeling. Dan is er nog de rol van de eigen tandarts die gaandeweg de stand van de tanden licht ziet veranderen. Zijn door cariës of gebitslijtage ingrepen met bruggen en kronen nodig, dan heeft u ook een nieuwe aangepaste mra nodig. Dus wie aan een mra begint, start het beste met een gesaneerd gebit.

Over de mra op lange termijn is nog weinig bekend. Dit geldt zowel voor de therapietrouw als voor de effecten op de stand van de tanden en het kaakgewricht.

Verkrijgbaarheid en vergoeding

Vanwege de positieve effecten is de mra met ingang van 1 januari 2010 in het basispakket van de zorgverzekeraars opgenomen en wordt aanschaf en het aanmeten van de MRA vergoed voor osaspatiënten. Vooralsnog is daarmee in 2010 een verwarrende situatie ontstaan, die nog wel even kan duren:

  • We hebben slaapklinieken, die nu de mra mogen toepassen, maar hier nog maar beperkt ervaring mee hebben.
  • Er is een aantal tandartsen en snurkpoli’s met ruime ervaring met mra voor snurkers, maar niet voor osaspatiënten. Zij bieden een grote verscheidenheid aan mra’s aan, die niet allemaal effectief zijn voor osas. Daarnaast wordt de effectiviteit hiervan veelal niet gemeten door een slaapkliniek. Vaak worden deze mra’s dan ook niet vergoed door de verzekeraar. Informeer hier van tevoren naar bij uw verzekeraar.
  • Er is een aantal leveranciers, producenten en tandtechnische laboratoria, die graag een plekje op de nieuwe markt wil veroveren.
  • Er zijn verschillende leveranciers en tandartsen, die graag willen meeliften op het mogelijke succes van de mra, zonder over een geschikt product te beschikken.
  • Er zijn verzekeraars die nog niet zo goed weten welk apparaat ze in welke situatie moeten vergoeden. Daardoor zijn er soms langdurige goedkeuringsprocedures (soms langer dan 3 maanden). Vraag altijd van tevoren om een offerte bij de tandarts die de mra gaat aanmeten en leg deze voor bij uw verzekeraar met de vraag of deze wordt vergoed.
  • De prijzen voor de beste mra’s liggen hoog. Dit heeft een prijsopdrijvend effect op alle producten; ook voor snurkers.

Snurkt u en verwacht u geen vergoeding door uw verzekeraar?Ga dan direct naar een gespecialiseerde tandarts of MKA-chirurg. Zij zijn bijvoorbeeld te vinden via www.nvts.nl of www.oralappliance.nl. Let wel op de kosten. De techniekkosten van een monobloc variëren van ongeveer € 100 tot € 200. De techniekkosten van een verstelbare mra komen op circa € 250 voor een eenvoudig model tot € 600 voor de meest luxe uitgave. In het laatste geval moet u minstens 5 jaar garantie krijgen. Daar komen dan nog de kosten voor foto’s en het aanmeten van de mra bij. Die kunnen variëren van € 225 tot € 500.

Apneuverschijnselen ontstaan vaak door een verkeerde stand van de onderkaak of door een te kleine onderkaak. Tegenwoordig wordt die verkeerde stand vaak al op jonge leeftijd verholpen door het aanmeten van een beugel door een orthodontist. Ook kan een MKA-chirurg bij jongeren door een standaardoperatie de onderkaak naar voren zetten.

Mensen op middelbare leeftijd, die in het verleden nooit een beugel of een kaakoperatie hebben gehad, krijgen vaak later als gevolg van die kaakproblemen last van snurken en osas. Dan helpt vaak een MRA. Maar soms is ook een operatieve ingreep nodig, waarbij onder- en bovenkaak weer in de goede stand gezet worden.

Over deze kaakoperaties zijn in het ApneuMagazine van de afgelopen jaren verschillende artikelen verschenen, die hieronder vermeld staan. Door middel van een klik worden ze in een nieuw venster geopend:

Het voordeel van opereren is dat het u voorgoed kan genezen van osas. Een cpap en mra moet u daarentegen de rest van uw leven iedere nacht gebruiken. Tegenwoordig worden alleen mensen geopereerd, waarbij een operatie echt uitzicht biedt op verbetering. De kno-arts beschikt hierbij over een belangrijk hulpmiddel. Via endoscopie kan hij de kleinste hoeken van de neus- en keelholte verkennen, om te bepalen of een ingreep succesvol kan zijn. Hierdoor zijn de resultaten sterk verbeterd.

Osas-operaties zijn een vak apart. Niet iedere kno-arts, beheerst de patiëntenselectie. Hij moet:

  • weten welke patiënten het meest geschikt zijn voor welke ingreep
  • de plaats van de obstructie goed vaststellen
  • de beschikking hebben over de verschillende technieken en daar voldoende ervaring mee hebben

Verschillende ingrepen

  1. Verbeteren neuspassage: Het gaat hierbij om chirurgische ingrepen, die de doorstroom van de ademhaling door de neus verbeteren. Bijvoorbeeld door het rechtzetten van een scheef neustussenschot. Of door het verbeteren van de passage bij onderste of middelste neusschelpen of neusamandelen
  2. Wegsnijden delen verhemelte en huig (LAUP): Een deel van de huig en een deel van het slijmvlies van het zachte verhemelte worden verwijderd. Bij de ingreep wordt een laser gebruikt en ook kan radiofrequentie worden toegepast.
  3. Somnoplastiek: Dit is een vorm van gecontroleerde littekenvorming door middel van hoogfrequente elektrische stroom. Het doel is overtollig weefsel van het zachte gehemelte te laten krimpen en verstrakken. Hierbij worden de huig en het zachte verhemelte stijver gemaakt met behulp van een naaldvormige elektrode.
  4. Verstevigen van de tongbasis (RFTB): it is een radiofrequente thermotherapie. Over de tong wordt een gebogen naald ingebracht onder het slijmvliesniveau van het achterste deel van de tong. De tip ervan wordt met radiofrequentie verhit, zodat een letsel wordt aangebracht. Het eiwit op die plaats gaat kapot. Door de vorming van littekenweefsel ontstaat verstijving van de tongbasis. De tong zakt nu minder snel naar achteren tijdens de slaap.
  5. Pillartechniek: Is eigenlijk een variant van de somnoplastiek. Maar, in dit geval worden er kleine preparaten ingebracht ter versteviging. Dit gebeurt onder plaatselijke verdoving en poliklinisch.
  6. Vastzetten tongbeen: Bij deze ingreep wordt het tongbeen wat naar voren gehaald en vastgezet op het strottenhoofd. In een huidlijn in de hals wordt een snede van enkele centimeters gemaakt, de spieren onder het tongbeen worden doorgesneden. Het kraakbeen van het strottenhoofd en om het tongbeen worden gehecht, zodat deze op elkaar gefixeerd worden. Hierdoor ontstaat op het niveau van de tongbasis meer ruimte.
  7. Combinatie van ingrepen: Steeds vaker worden daarom bij deze patiënten ingrepen op meer niveaus tegelijk verricht met gebruikmaking van verschillende technieken.
  8. Kaakoperatie (mandulaire repositie): Een kaakoperatie wordt uitgevoerd door de kaakchirurg. De onderkaak en bovenkaak worden losgezaagd en iets naar voren wordt gezet om meer ruimte achter in de keel te maken. Dit is een complexe operatie.
  9. Gaatje in de luchtpijp (tracheotomie):  Bij deze ingreep wordt een gaatje in de luchtpijp gemaakt vanaf de buitenzijde, vlak bij het strottenhoofd. Hierlangs kan de patiënt ademen. Tracheotomie is het laatste redmiddel. Het wordt alleen toegepast in geval van ernstige hart problemen, bij cpap-falen, extreem hoge AHI en als geen/onvoldoende verbetering optreedt na andere chirurgische ingrepen.

Het is al langer bekend dat mensen, als ze op hun rug slapen, meer apneus heben dan als ze op hun zij slapen. De aanpak bij positietherapie was vroeger gericht op het verhinderen dat iemand op zijn rug ging liggen. Dat leverde geen blijvend succes op, want dit soort therapieën waren zeer oncomfortabel.

Enkele jaren geleden kozen studenten van de TU Delft met de positietrainer een andere richting: mensen aanleren dat zij op hun zij gaan slapen. Dat leidde tot een bekroond ontwerp. Inmiddels komen ook de resultaten binnen van wetenschappelijke studies. Die zijn veelbelovend.

De positietrainer wordt met een band op de borst gedragen en geeft zachte trillingen, wanneer de patiënt een rugpositie aanneemt, om de patiënt van slaappositie te laten veranderen. De positietrainer traint patiënten geleidelijk en vriendelijk om op de zij te slapen en vermindert zo, zonder de natuurlijke slaappatronen te verstoren, de tijd dat de patiënt op zijn rug ligt.

Lees ook dit uitgebreide artikel uit het ApneuMagazine Apneumagazine 2014 nummer 2

Stand van zaken december 2017:

Het Zorginstituut Nederland (ZIN) heeft een positieve aanbeveling gedaan om deze therapie voor slaapapneu in het basispakket op te nemen. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zal formeel dit besluit nemen, volgend op de aanbeveling van het ZIN.

In de afgelopen jaren is een nieuwe behandeling voor apneu ontwikkeld: de tongzenuwstimulator. Die we ook wel de pacemaker voor de tong noemen, omdat de werking daarop lijkt. Er wordt een klein kastje onder het sleutelbeen geïmplanteerd. Vandaaruit lopen onderhuids twee elektroden. Een naar de long die daar de ademhalingscyclus meet. De ander naar de tongzenuw die daar bij elke ademhalingscyclus een zachte stimulatie geeft. Deze is voldoende om de zenuw te activeren, maar zacht genoeg om de slaap niet te verstoren. Hierdoor wordt de tong naar voren gehouden. Met een afstandsbediening kan ’s avonds en ’s ochtends draadloos het kastje aan- en uitgezet worden en ook de intensiteit van de prikkeling worden ingesteld.

De ingreep wordt sinds de zomer van 2017 vergoed door de zorgverzekering, maar wordt zeer selectief toegepast. Ten eerste omdat het een zeer kostbare ingreep is in vergelijking met andere behandelingen voor apneu. Ten tweede omdat de behandeling ook niet voor iedereen geschikt is. Zo moet duidelijk zijn dat iemand echt de cpap niet verdraagt en ook andere behandelingen niet geschikt zijn. Verder is onderzoek in de bovenste luchtweg nodig om te kijken of de tongzenuwstimulator wel een oplossing kan bieden. Verder mag het gewicht van de patiënt niet te hoog zijn (BMI onder de 30).

De ingreep wordt nu alleen nog maar toegepast in het Onze Lieve Vrouwen Gasthuis (OLVG West) in Amsterdam en het Antonius Ziekenhuis in Nieuwegein.

Bij morbide obesitas

Mensen met fors overgewicht (morbide obesitas: BMI boven de 35) blijken in zeer veel gevallen osas te hebben. De oorzaak hiervan is dat er zich vetweefsel ophoopt rondom de bovenste luchtweg die zich daardoor vernauwt.

Voor mensen met fors overgewicht en osas wordt steeds vaker het aanbrengen van een maagband of een maagverkleinende operatie overwogen. Deze vormen van chirurgie, bedoeld om af te vallen, noemen we ‘bariatrische chirurgie’. Er wordt bij de patient maar een beperkte totale hoeveelheid voedsel tot de maag toegelaten. Hierdoor is gewichtsafname ‘verzekerd’. Het is een multidisciplinaire behandeling waarin de diëtiste bijvoorbeeld een grote rol speelt.

Maagband

De maagband wordt door middel van een ‘kijkoperatie’ vlakbij de overgang van de slokdarm naar de maag geplaatst. De maag hoeft hierbij dus niet ingesneden te worden.

 

Maagverkleinende operatie

Bij een maagverkleinende operatie wordt de maag kleiner gemaakt waardoor u minder kunt eten. Ook wordt de dunne darm met ongeveer 1,5 meter ingekort of eigenlijk ‘gebypassed’.

 

Deze klinieken zij gespecialiseerd in maagverkleining:

ApneuMagazine: 

Het ApneuMagazine heeft ruim aandacht aan het onderwerp ‘maagverkleining besteed. Kijk maar eens op:

Wat u zelf verder kunt doen

U kunt uw klachten zelf verminderen of comfortabeler leven door uw leefstijl aan te passen. Hieronder volgen een aantal tips om een gezonde nachtrust te bevorderen; voor patiënt en partner. Sommige daarvan kunnen voorkómen dat een specialist moet worden ingeschakeld.

Er is een direct verband tussen het gebruik van alcohol en apneu. Het verband ligt voor de hand: alcohol leidt tot spierverslapping. Beperk alcoholgebruik daarom tot één of twee glazen. En drink een uur voor het slapen gaan niet meer. Een aantal mensen in de ApneuVereniging is ervan overtuigd dat er een verband is tussen (stevig) alcoholgebruik en het centraal slaapapneu syndroom (csas). Hierbij ontstaan de ademstilstanden niet door een obstructie, maar doordat de hersenen even geen prikkels geven om adem te halen. Leden van de vereniging, die zelf hun apparatuur kunnen uitlezen, signaleerden minder tot geen centrale apneus bij een beperkt alcoholgebruik.

Roken heeft geen enkel positief gezondheidseffect, integendeel. De regelmatige prikkeling van het neus- en keelslijmvlies bevordert het zwellen ervan en daarmee het snurken. Er zijn geen verdere indicaties die aantonen dat roken daarnaast een bijdrage levert aan het ontstaan van apneus, wel kan het de doorgankelijkheid van de neus belemmeren bij gebruik van de cpap. Roken wordt ontraden.

Vanwege hun verstoorde nachtrust zijn osaspatiënten, snurkers en hun partners geneigd om overdag grote hoeveelheden koffie te drinken. Veel koffie overdag en vooral in de avond veroorzaakt juist een slechte nachtrust. Het drinken van meer dan zes koppen koffie per dag wordt om verschillende redenen ontraden. Het vergroot de kans op verhoogde bloeddruk, hoog cholesterol, mogelijke schade aan organen en de kans op nierstenen. Net als bij alcohol is hier het advies: drink matig koffie en beperk het koffiegebruik tot de vooravond. Let op, zwarte thee bevat theïne en dit heeft dezelfde uitwerking als cafeïne

Veel slaapcentra vragen u een slaapdagboekje bij te houden om mogelijke slaapstoornissen op te sporen. Osaspatiënten en partners van snurk(st)ers doen ter compensatie van de verstoorde nachtrust overdag vaak een dutje. Zo ontstaat een warrig of zelfs omgekeerd slaappatroon en raakt de biologische klok ontregeld. De rusteloosheid en het gebrek aan slaap in de nacht worden zo versterkt. Het advies is simpel: maak desnoods korte nachten, maar houd vaste tijden aan

Wie problemen heeft met slapen begint bij de basis: een optimale inrichting van de slaapkamer. Het is veelzeggend dat in veel gezinnen de slaapkamer een van de laatste ruimten is om aan te pakken. Eerst komen de keuken, badkamer huiskamer aan de beurt. En dat terwijl slapen een basisbehoefte is. Richt uw slaapkamer volledig in op rust. Een aantal tips van woninginrichters:

  • Kies voor rustige kleuren voor de wanden en plafonds;
  • Hang niet te veel drukke dingen aan de wand;
  • Koop gordijnen die het echt donker kunnen maken;
  • Stook de kamer niet te warm in de nacht; een paar graden onder kamertemperatuur;
  • Zorg voor voldoende ventilatie en voldoende zuurstof (regelmatig het raam open);
  • Verwijder de televisie uit de slaapkamer. Het helpt u om rustig in slaap te vallen en niet met een overdaad aan indrukken.

Er zijn geen uitgebreide epidemiologische studies verricht naar de samenhang tussen osas en allergieën. Toch zien huisartsen en kno-artsen het regelmatig: alle ziekten van de luchtwegen nemen toe bij osas en snurken. Wordt uw osas behandeld met een cpap? Houd de slaapkamer vrij van stof en huisstofmijt. De cpap zuigt kubieke meters lucht aan per nacht, die allergische reacties kan versterken.

Een goed matras is de basis van een gezonde nachtrust. Het is ook belangrijk het matras goed te ventileren en schoon te houden. Zo vermindert u de kans op allergische reacties. Was ook uw beddengoed regelmatig en op hoge temperatuur (minimaal 60º). Bent u wel bestand tegen het dons in uw dekbed? Is kunstvezel misschien beter of een goede stofdichte tijk? Er zijn speciale antiallergische overtrekken voor matras, dekbed en kussens in de handel.

Harde vloerbedekking (zoals vinyl, marmoleum of laminaat) verdient voor de slaapkamer de voorkeur. Het is gemakkelijk schoon te houden en huisstofmijt vindt er geen voedingsbodem. Parket en houten vloerdelen kunnen ook. Vermijd vloerbedekking met veel naden.

Zie ook Allergische reacties. Huisdieren kunnen een allergische reactie opwekken.

Wilt u meer weten over allergische reacties? Zoek dan op internet met de zoekterm ‘cara’ of ‘allergie’ en u vindt een zee aan informatie.

Samenhang apneu en andere aandoeningen

Het merendeel van de mensen met osas is te zwaar. Dat is jammer, want afvallen naar het ideale gewicht zou de ernst van osas verminderen of zou osas terugbrengen tot snurken alleen. Uit onderzoek is gebleken dat het aantal apneu’s gemiddeld met 3 toeneemt voor elke 1 kilo toename in lichaamsgewicht.

In de praktijk blijkt slechts een klein deel van de mensen met osas en overgewicht in staat te zijn af te vallen naar een gezonder gewicht en dit gewicht te kunnen handhaven. Een ontregelde insuline- en hormoonhuishouding en gebrek aan energie bemoeilijken het afvallen voor mensen met osas.

Osaspatiënten hebben een verhoogde kans op cardiovasculaire ziekten. Denk aan hartritmestoornissen, pijn op de borst of een beroerte. De kans dat iemand met osas hoge bloeddruk (hypertensie) krijgt is bijna 60%. Ook de kans dat iemand met hart- en vaatziekten tegelijkertijd osas heeft, is aanzienlijk.

Er zijn verschillende oorzaken:

  • zuurstoftekort in het bloed
  • effect van zuurstoftekort op de bloedvaten
  • hoge bloeddruk door vaatspasmen

Bij een combinatie van osas en hart- en vaatziekten is een integraal behandelplan noodzakelijk. Eerst zal het aantal apneus moeten worden teruggebracht. Pas dan worden andere maatregelen, zoals medicijnen, effectief.

Veel mensen met osas hebben diabetes. Met name diabetes type 2. Het is belangrijk om de osas behandeling af te stemmen met uw diabetes specialist voor een aangepaste behandeling.

Sporten helpt. Op verschillende sportscholen wordt gestructureerd gewerkt aan het verbeteren van de conditie, afvallen en het terugbrengen van de medicatie.

Enkele leden van de ApneuVereniging boekten hiermee spectaculaire resultaten.

Door de zuurstoftekorten raakt de hormoonhuishouding in de war. Hierdoor kan ook uw libido verminderen. Dat betekent op zijn minst: minder zin. In de praktijk komt het er op neer dat de man minder makkelijk een erectie krijgt of deze minder lang volhoudt, en dat de vrouw met osas droog blijft. Het zijn vervelende bijverschijnselen die vaak leiden tot verwijten over en weer. In de loop van de tijd ontstaan rituelen om de pijnlijke ervaringen te vermijden. De behandeling voor osas lost deze problemen niet automatisch op.

Opnieuw leren vrijen met een partner die u al jaren kent, is geen eenvoudige opgave. De grootste kracht is de gezamenlijke wil om er iets van te maken. Misschien heeft u hierbij professionele hulp nodig. Er zijn relatietherapeuten die in enkele sessies goed kunnen helpen om moeilijke en gevoelige zaken bespreekbaar te maken. Zo kunt u er samen met uw partner uitkomen. Vaak is hiervoor een verwijzing door de huisarts nodig.

Het kan ook zijn dat extra hulpmiddelen nodig zijn. Hoewel met de behandeling van osas ook de hormoonhuishouding weer (gedeeltelijk) hersteld wordt, wil dat niet zeggen dat uw lichaam weer automatisch volledig functioneert.

  • Voor mannen kunnen pillen als Viagra en Cialis nuttig en belangrijk zijn om met vertrouwen opnieuw een bevredigende relatie te bouwen. Deze pillen moeten via de huisarts geregeld worden.
  • Voor vrouwen is het wat makkelijker. Glijmiddel of vaginale gel helpt en is in iedere drogisterij te koop.

Veel verschijnselen van apneu komen overeen met burnout. Daardoor wordt in het begin onterecht vaak de diagnose ‘burnout’ gesteld. Ook veel van onze leden hebben hiermee te maken gehad. De verschillen tussen apneu en burnout zijn echter aanzienlijk en ook de behandelingen verschillen.

Apneu manifesteert zich voornamelijk in de nacht. Snurken is bijvoorbeeld geen kenmerk van burnout, doorgaans wel van slaapapneu. Apneupatiënten klagen over slaperigheid overdag, terwijl burnout patiënten in de regel meer over vermoeidheid spreken. Ook fysieke verschijnselen verschillen. Nekomvang, roken en overgewicht hangen samen met slaapapneu, maar niet met burn-out.

> Lees het artikel in ApneuMagazine 4 2017: Heb ik wel een burn-out?

> Lees  ook het artikel van Sandra Houtepen: Burnout of Osas?

Apneu heeft op twee manieren invloed op uw ogen. Enerzijds belast het uw bloedvatstelsel. Bovendien kan een gebrek aan zuurstof schade toebrengen aan gevoelige organen als de oogzenuw. Glaucoom is een ziekte van de oogzenuw, waarbij steeds meer zenuwvezels afsterven. De aandoening kan uiteindelijk leiden tot blindheid. Mensen met slaapapneu hebben verhoogde kans op de aandoening.

In het begin zult u van kleine defecten in het gezichtsveld niets merken, omdat het andere oog dit corrigeert. Evenmin doet het oog pijn. Pas in een ver gevorderd stadium zult u merken dat het zijzicht afneemt. U merkt dat u vaker tegen iets aanloopt.

Laat uw ogen daarom jaarlijks nakijken bij uw oogarts en meld hem dat u slaapapneu heeft. Omdat u een verhoogd risico hebt op glaucoom zal de oogarts niet alleen de oogdruk meten, maar ook de oogzenuw aandachtig bekijken en soms een gezichtsveldonderzoek uitvoeren.

Een van onze leden stuurde ons een mail met de volgende inhoud: ‘Ik kan weer de hele nacht door slapen. Ik kan weer sporten(voorlopig wel onder begeleiding) en een lekker stuk fietsen. Dit nadat ik twee maanden geleden de boodschap kreeg dat ik het Restless Legs Syndroom heb. Ik kreeg van Dr. Hamburger van het Amsterdam Slaap Centrum het advies om het middel pramipexol te slikken één uur voor het slapen gaan.’

Dokter Hamburger: ‘Het Restless Legs Syndroom (RLS), een slaapstoornis met bewegen van de benen gepaard gaand, zien we vaak bij patienten met osas(apneu). Bij mensen met slaapapneu zien we veel beenbewegingen tijdens de slaap. Als mensen daar geen last van hebben, doen we niets. Als ze typische RLS-klachten hebben, wordt dat behandeld.’

Behandeling

De behandeling van RLS bestaat uit:

  • Het geven van adviezen over het aanpassen van de manier van leven. Alcohol en nicotine bijvoorbeeld kunnen RLS vaak uitlokken.
  • ’s Avonds geen stress verwekkende dingen doen b.v. sporten of een spannende film kijken.
  • Het voorschrijven van geneesmiddelen: dopamine agonisten of anti-epileptica

 

Dit bericht is een korte samenvatting van een artikel dat in het ApneuMagazine van september 2015 verscheen.

Slaapapneu heeft mogelijk niet alleen invloed op de kwaliteit van je slaap. Nieuw onderzoek suggereert dat het er ook een verband bestaat met gehoorverlies.
Dit gehoorverlies betreft beperkingen bij zowel hoge als lage geluidsfrequenties.

Het onderzoek werd uitgevoerd door wetenschappers van het Montefiore Medical Center in New York. Onderzoeker Neomi Shah denkt dat het verband tussen slaapapneu en gehoorverlies wordt veroorzaakt door een combinatie van factoren die verantwoordelijk zijn voor ontstekingen en abnormaal functioneren in de bloedvaten. “Het oor is heel vatbaar voor dit soort schade.”

Voor het onderzoek bestudeerde Shah de gegevens van bijna 14.000 personen. De deelnemers met slaapapneu hadden 31 procent meer kans op een gehoorbeperking bij hoge geluidsfrequenties en 90 procent vaker bij een lage geluidsfrequentie. Spraak valt hierbij volgens Shah onder een lage frequentie.

Bron: Gezondheidsnet

Snurkende mensen met slaapapneu hebben een twee keer zo grote kans op reumatische artritis en andere gewrichtsaandoeningen. Dat blijkt uit onderzoek van de Taipei Medical University.

De ontdekking is opvallend omdat tot voor kort altijd werd aangenomen dat reumatische artritis wordt veroorzaakt door een fout in het immuunsysteem. Slaapapneu lijkt ook de kans op andere auto-immuunziekten te vergroten. De onderzoekers denken dat de slaapaandoening leidt tot ontstekingen in de bloedvaten. Die ontstekingen werken als katalysator voor artritis.

Studie

De onderzoekers uit Taiwan vergeleken 1.411 patiënten met slaapapneu met 7.000 gezonde volwassenen. Gedurende vijf jaar werden de deelnemers gevolgd. Hierbij keken de onderzoekers vooral naar het ontstaan van reumatische artritis, de ziekte van Bechterew en Systemische lupus erythematodes. Dit zijn alle drie aandoeningen waarbij het immuunsysteem van streek raakt met gezwollen, pijnlijke gewrichten en griepachtige symptomen als resultaat.

Van mensen die snurken als gevolg van slaapapneu ontwikkelde bijna 3% een van de drie aandoeningen, tegen 1½ % bij gezonde mensen. De kans op de aandoeningen is dus bij apneu patiënten weliswaar groter, maar toch nog relatief klein.

De resultaten zijn gepubliceerd in het tijdschrift Sleep Medicine.

Bron: Nu.nl

Volgens Canadese onderzoekers is de ernst van slaapapneu bepalend voor de effecten die deze aandoening heeft op de doorbloeding van de nieren en daarmee op de nierschade

Canadese wetenschappers, die zich al langer met deze relatie bezighouden, hebben onderzocht of er een verband is tussen de ernst van het zuurstoftekort dat bij apneu in het bloed ontstaat, en de mate waarin het renine-angiotensinesysteem (RAS) geactiveerd wordt. Het RAS is het systeem dat de bloeddruk reguleert. Een te actief RAS leidt onder andere tot hoge bloeddruk en heeft negatieve gevolgen voor de nieren.

Voor hun onderzoek hebben ze gekeken naar een groep patiënten met slaapapneu, onderverdeeld in matige of ernstige apneu. Ook hebben ze een groep mensen zonder apneu in het onderzoek opgenomen. Het blijkt dat de patiënten met apneu duidelijk minder goed reageren wanneer hun RAS geactiveerd wordt, dan de groep mensen zonder apneu.

Conclusie van dit onderzoek: Patiënten met een ernstige vorm van OSAS lopen een groter risico op bloeddruk- en nierproblemen op lange termijn.

Bron: NierNieuws

Vrouwen met slaapapneu hebben vaak ook last van een overactieve blaas. Dat stellen onderzoekers van het Hospital del Mar in Barcelona.

Een overactieve blaas kenmerkt zicht door vaker plassen, incontinentie en nachtelijk plassen. Vooral dat laatste wordt ook vaak gezien bij slaapapneu, maar tot nu toe was er weinig onderzoek naar het verband tussen de twee.

De Spaanse onderzoekers bestudeerden gedurende een lange periode de vrouwelijke patiënten van de slaapkliniek. Bij 86 % van hen kwamen problemen met de blaas voor. Daarbij hadden de patiënten ook beduidend meer last van deze problemen.

Volgens hoofdonderzoeker Núria Grau heeft ongeveer 16 procent van de mensen boven de 40 jaar in Europa last van een overactieve blaas. Bij veel mensen heeft dat een negatieve invloed op de kwaliteit van leven. “Ons onderzoek laat een verband zien tussen slaapapneu en controle over de blaas. Verder onderzoek hierna is nodig. Wellicht heeft in de toekomst een behandeling van slaapapneu ook wel een positief effect op de overactieve blaas.”

Bron: Gezondheidsnet

Door zachter weefsel en skeletverschillen hebben mensen met het syndroom een obstructie in de luchtwegen. Daardoor hebben ze meer kans op slaapapneu. Bijna de helft van de kinderen met het syndroom van Down, heeft ook in meer of mindere mate slaapapneu.

Daarom wordt ook in de richtlijn aangeraden bij  kinderen met dit syndroom door de KNO-arts speciale aandacht hieraan te schenken.

Aandachtspunten

In veel landen gelden strenge maatregelen voor de rijbevoegdheid van mensen met osas. U heeft namelijk een verhoogde kans om achter het stuur in slaap te vallen.Voor de wet valt dit in de categorie bewustzijnsstoornissen.

Sinds eind 2008 geldt voor mensen met osas dat zij geen personenauto, vrachtwagen of bus mogen besturen, tenzij zij minimaal twee maanden met succes behandeld worden. De beoordeling van de behandeling moet officieel gebeuren door een medisch specialist met ervaring met osas, in principe de eigen specialist.

Hier staat op onze site uitgebreidere informatie over apneu en de rijbevoegdheid.

Download hier ook een modelverklaring voor het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen.

In 2015 heeft de Apneuvereniging een informatieblad gepubliceerd rond Apneu en rijbewijs.

Een ziekenhuisopname is altijd vervelend.

Mensen met osas moeten extra rekening houden met de risico’s rond het slapen en de anesthesie. Kalmerings- of slaapmiddelen kunnen bijvoorbeeld nadelig zijn door de spierverslappende werking. De chirurg en de anesthesist moeten van de osas op de hoogte zijn voor een juiste keuze van verdovende middelen en voor risico’s bij eventuele intubatie.

Veel mensen met apneu dragen een SOS kettinkje of bandje, zodat de osas herkend wordt als ze bij een ongeval betrokken raken.

> Lees meer: een goede voorbereiding op uw ziekenhuisopname.

> Artikel uit het ApneuMagazine: Apneu en operatie

Er is nog weinig geschreven over apneu bij kinderen en jongeren. .

Bij kinderen is één ademstop per uur al reden om extra aandacht te schenken. En bij meer dan een, zeker aanleiding om een dokter te bezoeken. De ernst van de slaapapneu is ookafhankelijk van onder meer zuurstofsaturatie (hoeveelheid zuurstof in het bloed), zwaarte van de klachten en kwaliteit van de slaap.

De meest voorkomende behandeling bij kinderen is het weghalen van de amandelen. Maar ook cpap komt voor. Langzaamaan komen er steeds meer slaapcentra die zich in de diagnose en behandeling van kinderen met apneu specialiseren. Slaapklinieken die kinderen met apneu behandelen organiseren soms een middag of avond voor ouders met gelegenheid om ervaringen uit te wisselen.

.

Meer weten?:

Met de cpap op vakantie geeft weinig problemen wanneer je in een hotel of op een cruiseschip overnacht. Er is altijd wel een stopcontact in de kamer aanwezig, het apparaat schakelt automatisch over naar een ander wisselspanningvoltage en met een verlengsnoer en een verloopstekker in de bagage komt u meestal niet voor verrassingen te staan.

Ook op de camping zijn wel stroomvoorzieningen. Maar wat wanneer je in het vrije veld of in de bush-bush wilt kamperen, op survivaltocht wilt gaan, de Dakar-rally wilt rijden, op de Amazone wilt vissen of dagenlang in de woestijn wilt bivakkeren? Dan zal er overdag iets moeten gebeuren om ’s nachts profijt te kunnen hebben van de continue positieve overdruk-therapie

 

Ervaringen en tips

Vakantie met de gorilla
Slapen met cpap op 4200 m
Een maand in de woestijn
Vliegen met apneu
Kamperen of bootreis
Voorbereid op reis

Bij ongeveer 3% van de vrouwen in de vruchtbare leeftijd komt apneu voor. Grootste risicofactor in deze groep lijkt overgewicht te zijn.Het risico op apneu neemt toe naarmate vrouwen ouder worden.

Grote onderzoeken naar een verband tussen zwangerschap er apneu zijn er nog niet.

 

Toch zijn er in de literatuur wel aanwijzingen, dat door de hormale en fysiologische veranderingen als gevolg van de zwangerschap het risico op apneu toeneemt. Bij vrouwen, die voor de zwangerschap al apneu hebben, kan het aantal ademstilstanden toenemen. Zwangerschap kan dus apneu verergeren of tot apneu leiden.

 

Volgens de schaarse literatuur over dit onderwerp is er naast een relatie tussen apneu en zwangerschapsvergiftiging, ook een verband tussen apneu en diabetes en hoge bloeddruk.

Over dit onderwerp is een uitgebreid artikel van Marijke IJff verschenen in het ApneuMagazine. Dit kunt u hier lezen: Zwangerschap en apneu.