operatie hulpmiddelen
Je bent hier:
KNO-ingrepen

Het voordeel van opereren is dat het u voorgoed kan genezen van osas. Een cpap of mra moet u daarentegen de rest van uw leven iedere nacht gebruiken. Tegenwoordig worden alleen mensen geopereerd, waarbij een operatie echt uitzicht biedt op verbetering. De kno-arts beschikt hierbij over een belangrijk hulpmiddel. Via endoscopie kan hij de kleinste hoeken van de neus- en keelholte verkennen, om te bepalen of een ingreep succesvol kan zijn. Hierdoor zijn de resultaten sterk verbeterd.

Osas-operaties zijn een vak apart. Niet iedere kno-arts, beheerst de patiëntenselectie. Hij moet:

  • weten welke patiënten het meest geschikt zijn voor welke ingreep
  • de plaats van de obstructie goed kunnen vaststellen
  • de beschikking hebben over de verschillende technieken en daar voldoende ervaring mee hebben
slaapkliniek kno ingreep apneu
Ingrepen
  1. Verbeteren neuspassage: Het gaat hierbij om chirurgische ingrepen, die de doorstroom van de ademhaling door de neus verbeteren. Bijvoorbeeld door het rechtzetten van een scheef neustussenschot. Of door het verbeteren van de passage bij onderste of middelste neusschelpen of neusamandelen
  2. Wegsnijden delen verhemelte en huig (LAUP): Een deel van de huig en een deel van het slijmvlies van het zachte verhemelte worden verwijderd. Bij de ingreep wordt een laser gebruikt en ook kan radiofrequentie worden toegepast.
  3. Somnoplastiek: Dit is een vorm van gecontroleerde littekenvorming door middel van hoogfrequente elektrische stroom. Het doel is overtollig weefsel van het zachte gehemelte te laten krimpen en verstrakken. Hierbij worden de huig en het zachte verhemelte stijver gemaakt met behulp van een naaldvormige elektrode.
  4. Verstevigen van de tongbasis (RFTB): it is een radiofrequente thermotherapie. Over de tong wordt een gebogen naald ingebracht onder het slijmvliesniveau van het achterste deel van de tong. De tip ervan wordt met radiofrequentie verhit, zodat een letsel wordt aangebracht. Het eiwit op die plaats gaat kapot. Door de vorming van littekenweefsel ontstaat verstijving van de tongbasis. De tong zakt nu minder snel naar achteren tijdens de slaap.
  5. Pillartechniek: Is eigenlijk een variant van de somnoplastiek. Maar, in dit geval worden er kleine preparaten ingebracht ter versteviging. Dit gebeurt onder plaatselijke verdoving en poliklinisch.
  6. Vastzetten tongbeen: Bij deze ingreep wordt het tongbeen wat naar voren gehaald en vastgezet op het strottenhoofd. In een huidlijn in de hals wordt een snede van enkele centimeters gemaakt, de spieren onder het tongbeen worden doorgesneden. Het kraakbeen van het strottenhoofd en om het tongbeen worden gehecht, zodat deze op elkaar gefixeerd worden. Hierdoor ontstaat op het niveau van de tongbasis meer ruimte.
  7. Combinatie van ingrepen: Steeds vaker worden daarom bij deze patiënten ingrepen op meer niveaus tegelijk verricht met gebruikmaking van verschillende technieken.
  8. Kaakoperatie (mandulaire repositie): Een kaakoperatie wordt uitgevoerd door de kaakchirurg. De onderkaak en bovenkaak worden losgezaagd en iets naar voren wordt gezet om meer ruimte achter in de keel te maken. Dit is een complexe operatie.
  9. Gaatje in de luchtpijp (tracheotomie):  Bij deze ingreep wordt een gaatje in de luchtpijp gemaakt vanaf de buitenzijde, vlak bij het strottenhoofd. Hierlangs kan de patiënt ademen. Tracheotomie is het laatste redmiddel. Het wordt alleen toegepast in geval van ernstige hart problemen, bij cpap-falen, extreem hoge AHI en als geen/onvoldoende verbetering optreedt na andere chirurgische ingrepen
ziekenhuis operatie kno ingreep