Bijzonderheden;

  • Zeer groot
  • Kreeg 3 sterrenwaardering van tevreden patiënten in 2017
  • Specialismen:
    • Niet alleen volwassenen,
    • bariatrische chirurgie,
    • KNO,
    • ervaring met kaakchirurgie.

Informatie:

Slaap- en Apneucentrum OLVG West, AmsterdamIn het OLVG West worden op de kno-afdeling, in nauwe samenwerking met de afdelingen longziekten en klinische neurofysiologie en de afdelingen longziekten en kaakchirurgie van het Academisch Medisch Centrum (AMC), patiënten behandeld met het obstructief slaapapneusyndroom (osas). Daarnaast wordt regelmatig overlegd met een diëtist en psycholoog en afhankelijk van het probleem ook met cardiologie, kindergeneeskunde en anesthesie.

Sinds begin jaren negentig worden er in dit ziekenhuis slaapregistraties verricht. Per week ondergaan ongeveer 40 patiënten een dergelijk onderzoek. Meer dan de helft van deze patiënten heeft het slaapapneusyndroom. Aanvullende diagnostiek vindt plaats door middel van slaapendoscopie. Hierbij wordt een scopie verricht nadat een slaapmiddel is toegediend. Bij deze scopie wordt gekeken op welk(e) niveau(‘s) er snurken en/of een collaps plaats vindt. Afhankelijk van de uitslag van de slaapregistratie en de slaapendoscopie worden vervolgens de behandelingsmogelijkheden met u doorgenomen. Complexe problemen worden tijdens multidisciplinaire vergaderingen besproken.

Het zorgpad is samengevat onder de noemer Slaap-en Apneucentrum Amsterdam en volgt de CBO richtlijn obstructief slaapapneusyndroom bij volwassenen.
Het OLVG West is de laatste jaren uitgegroeid tot het grootste en meest vooruitstrevende centrum in Nederland op het gebied van operatieve ingrepen voor slaapapneu en wetenschappelijk onderzoek.

Niet-operatieve mogelijkheden

Cpap (continuous positive airway pressure)
Deze therapie houdt in dat via een neus of gezichtsmasker lucht onder druk wordt toegediend waardoor de luchtweg open blijft en niet meer dichtklapt.
De longarts schrijft u de cpap voor. Hierna wordt u door de longarts, leverancier en long/osas verpleegkundige verder begeleid bij de therapie.

Mra (mandibular repositioning appliance)
In de afgelopen jaren is de mra, een beugel die men s ’nachts draagt, een goede behandelingsmethode gebleken bij lichte en matige vormen van osas. Naast onze eigen polikliniek Mondziekten, kaak- en aangezicht chirurgie in het OLVG West, werken wij ook samen met de ACTA en het AMC waar ook de Herbst prothese en de Somnodent worden aangemeten.

Spt (slaap positie trainer)
Op dit moment wordt onderzoek verricht naar een nieuwe vorm van positietherapie in samenwerking met de TU Delft, de Nightbalance slaap positie trainer. Sinds 2012 is het verkrijgbaar voor de consument. Het betreft een klein trilapparaat  met een slaaphouding sensor  dat rugligging voorkomt.  Het apparaatje wordt door middel van een comfortabele band op de borst gedragen en niet, zoals andere vormen van positietherapie, op de rug. Klassieke positietherapie (tennisbal) blijkt uiteindelijk door slechts 10% van de mensen op langere termijn te verdragen. De eerste resultaten met dit apparaat laten veel betere resultaten zien ten aanzien van de therapietrouw en het effect op snurken en slaapapneu.

Operatieve mogelijkheden

Het Sint Lucas Andreas Ziekenhuis kenmerkt zich vooral door het verrichten van tal van operatieve ingrepen die het gebruik van eerder genoemde hulpmiddelen vaak overbodig maakt. Volgens het CBO, kwaliteitsinstituut voor de gezondheidszorg dat zich inzet voor verbetering van de kwaliteit van de patiëntenzorg  is chirurgie een optie voor elke vorm van slaapapneusyndroom, zolang de diagnose goed gesteld is middels slaapregistratie en slaapendoscopie.
De chirurgische optie (ongeacht het niveau of meerdere niveaus) is alleen redelijk succesvol indien er geen sprake is van ernstig overgewicht (BMI = maximaal 32) en zeer ernstig slaapapneu (AHI > 65).
Bij fors overgewicht en slaapapneu zal eerst gestart worden met cpap en een dieet. Eventueel chirurgische behandeling van het overgewicht gebeurt via het Obesitas Centrum Amsterdam, eveneens gevestigd in dit ziekenhuis.

Rftt (radiofrequente thermotherapie) Celon tongbasis
Deze operatie is aan de tong of het  verhemelte, afhankelijk van de plaats waar de apneus ontstaan.
Bij deze therapie wordt door middel van een verhitte naald een klein wondvlak gecreëerd, waarna littekenweefsel ontstaat. Dit littekenweefsel is stugger dan het oorspronkelijke weefsel en heeft dan minder de neiging om te vibreren (snurken) en samen te vallen (ademstop). De ingreep kan onder lokale verdoving, in dagbehandeling worden verricht. Meestal vormt het een onderdeel van zogenaamd multilevel chirurgie onder algehele anesthesie, een chirurgische benadering van de bovenste luchtweg op verschillende niveaus in een sessie.

Rftt  Celon conchae 
Bij patiënten die cpap door een verminderde neuspassage niet goed kunnen verdragen, maar verder wel veel baat hebben bij deze therapie, kunnen de neusschelpen verkleind worden met radiofrequente thermotherapie om zo de neuspassage te verbeteren.
De behandeling gebeurd onder lokale verdoving, zonder tamponade na de operatie.
Men kan doorgaans na de ingreep een aantal uur later weer naar huis.

Uppp/zpp (uvulo palato faryngo plastiek/z palato plastiek)
Bij obstructie op verhemelte-niveau en een matig tot ernstig slaapapneusyndroom kan een uppp verricht worden.
Bij deze ingreep worden het grootste deel van de huig, een deel van het zachte verhemelte en de amandelen verwijderd.
Er zijn veel variaties op deze ingreep, afhankelijk van de lokale anatomie en eerdere operaties in het keelgebied.
Zpp wordt gedaan indien de keelamandelen niet meer aanwezig zijn of in geval van vernauwing op de overgang van neus- naar keelholte. Hierbij worden de keelbogen en de huig naar de zijkant verplaatst.
Meestal wordt de nacht na de ingreep in het ziekenhuis doorgebracht.

Htp (hyoidthyroidpexie)
Een andere operatie die verricht wordt is de hyoidthyroidpexie bij patiënten met een matig of ernstig slaapapneusyndroom met obstructie op tongbasis- en strottenklepniveau. Hierbij wordt het tongbeen naar voren geplaatst via een incisie in de hals om zo achter de tong meer ruimte te verkrijgen.
De eerste nacht na de ingreep brengt men door op de intensive care, vaak volgen daarna nog een aantal dagen op afdeling kno-heelkunde.

Kaakstandcorrectie (osteotomie)
Bij ernstig slaapapneusyndroom is er ook de optie voor kaakchirurgie, afhankelijk van de positie en de bouw van boven- en onderkaak. Hiervoor wordt u doorverwezen naar de afdeling mondziekten, kaak- en aangezichtschirurgie van het AMC, welke afdeling participeert in het multidisciplinaire overleg.

Inspire pacemaker
Een nieuwe chirurgische ontwikkeling is de Inspire pacemaker. Dit apparaat wordt net als een hartpacemaker geplaatst in de borstholte. Wanneer men slaapt zal op het moment van inademing een signaal naar de tongzenuw worden gestuurd zodat de tong iets naar voren wordt gestoken. Hierdoor zal de diameter van de bovenste luchtweg toenemen. De Inspire pacemaker is zeer effectief gebleken in het behandelen van slaapapneu (https://www.sciencenews.org/article/pacemaker-treats-sleep-apnea), maar wordt  vooralsnog niet vergoed door de verzekeraar.

Naar wie moet de huisarts verwijzen?
Prof dr. N. de Vries (kno-arts)
dr. T.H.M. Tan (kno-arts)
Slaap- en Apneu Centrum Amsterdam

Waar moet je als patiënt de eerste keer naar toe?
U kunt zich aanmelden bij het Slaap- en Apneucentrum Amsterdam met een verwijsbrief van de huisarts. Bij verdenking van osas wordt u altijd eerst door een kno-arts gezien.
De huisarts kan u ook aanmelden via Zorgdomein.

Slaap en Apneu Centrum Amsterdam
Telefoon: 020 – 510 84 19

Polikliniek kno, route 12
Jan Tooropstraat 164
1006 AE Amsterdam
Telefoon:  020 – 510 88 94

Bezoekuren: 8.00 tot 16.30 uur (eerst afspraak maken)
Termijn 1 – 2 weken

Intake en eerste onderzoeken
Als bij de eerste afspraak het vermoeden van slaapapneu bestaat, wordt er een afspraak gemaakt voor een slaapregistratie en een slaapendoscopie.

Coördinatie van afspraken
De patiënt hoeft de afspraken voor de slaapregistratie en slaapendoscopie niet zelf te maken. Dit wordt gedaan door de poli-assistenten op de dag van het eerste polibezoek.

Wachttijd slaapregistratie
Gemiddeld 4 weken.

Gang van zaken rond de slaapregistratie
Bij dit onderzoek wordt onder andere onderzocht of de patiënt ’s nachts momenten heeft dat hij/zij stopt met ademen en hoe vaak dat gebeurt. De patiënt komt eerst op de afdeling klinisch neurofysiologie (route 33) waar er op het lichaam elektroden en sensoren worden aangesloten die voor de registratie noodzakelijk zijn. Hierna krijg de patiënt een kamer op een verpleegafdeling toegewezen waar hij/zij een nacht blijft slapen. De patiënt blijft één nacht slapen op de verpleegafdeling. De volgende dag worden de elektroden en sensoren weer verwijderd en gaat de patiënt naar huis. De test dient eerst nog beoordeeld te worden door een klinisch neurofysioloog. De uitslag van het onderzoek duurt enkele dagen tot 2 weken.

Wachttijd slaapendoscopie
2 tot 4 weken na de slaapregistratie.

Gang van zaken rond de slaapendoscopie
De ochtend van het onderzoek komt de patiënt nuchter in het ziekenhuis (route 22). Na plaatsing van een infuusnaald wordt hij/zij met een sterk slaapmiddel (propofol) in slaap gebracht. Met een flexibele camera, een zogenaamde endoscoop, wordt via de neus gekeken op welke plaats er sprake is van obstructie. Op dit niveau ontstaan vaak de apneus. Omdat het slaapmiddel tijdelijk voor vergeetachtigheid en concentratieproblemen kan zorgen is het 24 uur niet toegestaan actief deel te nemen aan het verkeer. Het is raadzaam een begeleider mee te nemen.

Indien er bij de slaapregistratie erg veel apneus zijn opgetreden zal de slaapendoscopie, in verband met veiligheidsoverwegingen, op de operatiekamer worden verricht onder propofol narcose. Is dit het geval, dan wordt de patiënt thuis gebeld door een van de artsen.

Uitslag diagnose
Op de dag van de slaapendoscopie, nadat de patiënt is uitgeslapen (na ongeveer 3 uur), wordt samen met de uitslag van de slaapregistratie een behandeladvies gegeven. Dit behandeladvies wordt besproken op de polikliniek kno met de arts. Soms is het bespreken van de uitslag niet mogelijk aansluitend aan het onderzoek. Er zal dan een aparte afspraak gemaakt worden op de polikliniek.

Totale doorlooptijd
De tijd vanaf de verwijsbrief van de huisarts tot aan de diagnose bedraagt ongeveer 7-10 weken.

Controle afspraken
Na een eventuele behandeling wordt na een bepaalde tijd opnieuw een slaapregistratie verricht om te kijken of de behandeling heeft geholpen.

Nadere informatie
Voor nadere informatie kunt u bellen met de polikliniek kno, telefoon: 020 – 510 88 94.
Website: http://www.sintlucasandreasziekenhuis.nl
Zie ook het boekje Leven met snurken en apneu, dat dr. de Vries samen met drs. P.H. van Mechelen, voorzitter van de ApneuVereniging, schreef.